SPEELMATERIAAL

Om Pétanque te kunnen spelen heb je een set van drie metalen ballen (boules) nodig, een klein houten of kunststof doelballetje (het but) en een doekje. Daarnaast is een rolmaatje handig om te kunnen meten welke boule het dichtst bij de but ligt.

Als je net begint met spelen zijn er op onze club boules aanwezig waar je mee kunt oefenen. Door te experimenteren met verschillende afmetingen (doorsnee: 7 - 8 cm. en gewicht: 650 - 800 gram) kom je al snel achter je eigen voorkeur. Pas dan is het verstandig om een eigen setje wedstrijdboules te kopen.

HET BUT

Specificaties:
Materiaal is hout of kunststof.:
Diameter van 30 mm. met een toegestane afwijking van +/- 1 mm. Kunststof buts alleen met merkteken fabrikant (OBUT of VMS).

BOULES

Diameter:Toegestaan is 70,5 tot 80 mm. Meestal wordt een gemiddelde diameter gekozen tussen 72 en 76 mm. De keus wordt in eerste instantie bepaald door de grootte van de hand en lengte van de vingers. De pointeur kiest vaak wat aan de kleine kant, de tireur juist iets groter.

Gewicht: Toegestaan is 650 tot 800 gram. De meeste spelers geven de voorkeur aan boules tussen 680 en 740 gram. De keus hangt af van de grootte en kracht van de speler en van zijn voorkeur voor pointeren of tireren. Een pointeur kiest vaak een wat zwaardere boule, de tireur juist iets lichtere. 

Kenmerk : Op elke boule staat de naam van fabrikant, het gewicht, de soort boule en het serienummer vermeld. Zonder deze gegevens is het een 'boule losir': een vrije tijdsboule waarmee je niet op officiële toernooien en competities mag spelen.

Staalsoort:

Er bestaan twee verschillen soorten staal: roestvrij staal en koolstofhoudend staal.

Roestvrij staal:

  • Topkwalititeit
  • Lange levensduur
  • Voor een fluweelzachte grip van roestvrijstaal
  • Heeft weinig onderhoud nodig

Koolstofhoudend staal:

  • Voor een ruwere en stevigere grip
  • Heeft een chromen of zwarte toplaag, die in de loop van de tijd wegslijt door het schuren langs de grond

Moet van tijd tot tijd met olie behandeld worden om roestvorming tegen te gaan.

Hardheid:

Een zachte boule zal minder opstuiten op een harde ondergrond en ook minder terugstuiten bij het maken van een voltreffer (wat een groot voordeel is in het spel). Maar zo'n boule 'tekent' wel sneller (vertoont eerder gebruikssporen) door het contact met de grond en andere boules. Daarentegen is een harde boule meer geschikt voor zachte terreinen en heeft die daarnaast een langere levensduur.

Boules met de hardheid + zijn ideaal voor aanvallend ingestelde spelers.
Andere spelers, vooral tireurs, spelen het liefst met de zachtst mogelijke boules.

Voor meer recreatief ingestelde spelers is een halfzachte boule het meest geschikt. Het zijn all-round boules en geschikt voor alle terreinsoorten, zowel bij het schieten als bij het plaatsen.

Striage:

Het aantal groeven op een boule varieert van 1 tot 4. De verschillende aantallen en patronen vergemakkelijken het herkennen van de eigen boules. Daarnaast geven ze de boule ook een eigen karakter.

Pointeurs spelen het liefst met boules met groeven, want die bieden een betere 'grip' op moeilijke terreinen.

Tireurs spelen het liefst met gladde boules omdat die niet in de hand blijven 'haken'.